Nieuws

’s Nachts was de Rotte op haar mooist

De 24 uur van de Rotte start op 21 juni, de langste dag, de kortste nacht. Roeivereniging Rijnmond organiseert dit al een paar jaar, maar sinds kort worden ook kajakkers uitgenodigd. De prestatietocht is net zoals de RVR: gezellig, ontspannen, op verschillende niveaus. Niet iedereen vaart continue en niet iedereen vaart steeds in dezelfde skif of andere roeiboot. Met een boot uit Pampus, een Belg en een viertal kajakkers (Mike, Iede, Erik en Goudse Emiel) was de groep gemêleerd. 

Op de Rotte waren er dit weekend opvallend weinig motorbootjes. Lekker. De route was ook niet ingewikkeld (even stempelen bij Oud-Verlaat en terug weer), dus kun je genieten van de omgeving. Veel watervogels op het nest, of met klein grut, prachtige waterplanten, vaak in bloei. De nacht was sprookjesachtig, met voldoende licht van de maan, diepzwarte oevers en vreemde reflecties op het water. 

In het clubgebouw van RVR werd goed voor de vaarders gezorgd. Eerst stempelen, natuurlijk, dan eten, drinken, praatje. En dan weer in de boten. Eens zien wie dat heen-en-weertje het vaakst voor elkaar krijgt. En raad eens: dat waren toch twee kajakkers. Erik en Emiel kregen een beker plus oorkonde, met de vermelding van 150 gevaren kilometers. Iede moest ziek naar huis en Mike had behoefte aan slaap ’s nacht, maar ook zij stonden hoog in de uitslagenlijst.

Lijkt dit je ook een leuke manier om je ausdauer eens te testen? Je kunt de tocht nu al in je agenda zetten, in het weekend dat het dichtst bij 21 juni 2025 ligt.

Rondje Flevoland / Markermeer (10-15 juni 2024 – 192 km)

Tekst & foto’s: Mike

Scroll down for English

Dag 1: maandag – Broek in Waterland – Zaandam v.v. – 31 km

Na het spektakel op het Markermeer op zondag werden Erik en ik afgezet op een camping in Broek in Waterland. Maandag hadden we nog wat tijd te doden totdat Iede zich bij ons voegde, dus ritsten we de tenten dicht en peddelden naar het westen, met de bedoeling een rondje Het Twiske te doen. We verlieten het meer De Leek en beseften al snel waarom dit Waterland heet! Overal water, duizenden waterlopen, ook water dat uit de lucht valt!

Helaas konden we Het Twiske niet met de kajaks in, dus slenterden we naar Oostzaan voor een café. Maar het was maandag, alles dicht. Uiteindelijk vonden we een café in Zaandam, nadat we de kajaks bij een sluis hadden achtergelaten en de laatste kilometer hadden gelopen. Op de terugweg gingen we door een schattige zelfbedieningssluis Het Luijendijkje; vonden vervolgens met enige moeite de weg naar huis via alle kanalen. We kregen gezelschap van Iede en wisten de regen enigszins te verslaan door in een koepel op de camping het avondeten te koken.

Dag 2: dinsdag – Broek in Waterland – Lelystad – 38 km

Nu begint de tocht echt; we pakten alles in de kajaks en baanden ons een weg door de kanalen naar Monnickendam. Het is duidelijk dat niet alle sluizen op kajaks gericht zijn, aangezien Iede in de zijne moest staan ​​om hier de bel te bereiken. Met een westenwind van 5 Bft hielden we ons vast aan de kust om naar Volendam te peddelen, waar we genoten van de eerste van vele koffie verkeerd en taart met slagroom.

Vervolgens hebben wij ons mentaal en fysiek voorbereid op de oversteek van het Markermeer. Bij de start werden we begroet door ongeveer 100 aalscholvers, die in een zwerm aan het vissen waren, rondcirkelend en in het water duikend.

Al snel moesten we al onze aandacht besteden aan het rechtop en op koers blijven, aangezien de wind af en toe aanwakkerde tot 6 Bft en de golven van 50-80 cm schuin van achteren kwamen. Surfen was niet echt een optie met een volgeladen kajak en golven schuin van achteren. Na 3 uur en 22 km Markermeer, landden we en probeerden we de camping te bereiken. De eerste hindernis was de Noordersluis in Lelystad, waar we maar liefst 6 meter daalden.

De volgende sluis was onbegaanbaar, en na flink wat gesleep met kajaks van 50 kg kwamen we op de zeer goede camping ’t Oppertje aan.

Dag 3: Woensdag – Lelystad – Zeewolde – 32 km

We besloten om niet door te varen naar Fryslân vanwege de tegenwind als we over het IJsselmeer terug moesten; in plaats daarvan zouden we Flevoland doorkruisen en via de Randmeren terugkeren. Na een paar uur vroeg ik Erik hoe ver het volgende oriëntatiepunt was en toen hij zijn kompas bewoog om de kaart duidelijker te zien, vertelde zijn krachtterm me dat we op de verkeerde weg zaten!

Dus in plaats van naar de jachthaven in Zeewolde te gaan, kwamen we via de achterdeur aan en konden geen gewone kampeerplaats krijgen, dus sliepen we in het bos en het riet. Afgezien van het ontbreken van een warme douche en de overvloed aan slakken overal, hebben we een fijne avond en nacht gehad.

Flevoland is trots op hun vogelleven en daar hebben we zeker veel van gezien en gehoord. Onverwacht hoorden we heel vaak koekoeken, ik zag een zwarte reiger en we zagen diverse roofvogels, ook een kolonie lepelaars en een ijsvogel of twee.

Dag 4: Donderdag – Zeewolde – Huizen – 34 km

De volgende ochtend gingen we de strijd aan om Naarden te bereiken, omdat we eerst om Zeewolde heen moesten, voordat we verder over het Veluwemeer konden peddelen. We stopten nog even in het centrum van Zeewolde voor koffie en appeltaart, voordat we boodschappen gingen doen. Aldus versterkt gingen we op pad, in de hoop Huizen te bereiken, waar we misschien in de jachthaven konden verblijven. Bij de Nijkerkersluis hadden we een lang gesprek met een echtpaar op een jacht, omdat de sluis heel langzaam draaide, zonder reden. Direct na de sluis stopten we voor de lunch in de Zuidwalhaven en vertrokken vervolgens richting Spakenburg. Tegen die tijd waren we goed afgestemd op het in en uit het water krijgen van de volgeladen kajaks, vaak waren de kades en steigers 50-80 cm hoog. Bij het passeren van Spakenburg werden we getrakteerd op een regatta van oude viskotters.

We hadden gehoopt Huizen te bereiken, maar besloten we dat het genoeg was en stopten we bij het eiland Huizerhoef, net na de kruising van de A27 tussen het Eemmeer en het Gooimeer. De camping was primitief, slecht onderhouden en bedekt met onkruid en vogelpoep. Verder was het prima, we hadden een korte duik (geen douches op het eiland), avondeten en dan naar bed.

Dag 5: Vrijdag – Huizen – Uitdam – 35 km

Het plan was om uiterlijk op zondag bij de oorspronkelijke camping – en bij de auto – te zijn. Omdat er sterke wind stond en nog verwacht werd, waren we van plan de lijwaartse kust te omhelzen tot aan een camping aan het Kinselmeer. We bereikten het eilandfort Pampus; de wind van 5 Bft variërend van ZW tot ZO zorgde soms voor uitdagende zeeën. Na nog een koffie met gebak met slagroom zijn we richting het westen vertrokken, maar daar kwamen we niet door de dijkversterking. We moesten steeds verder, naar het NO, waar golven en wind het een uitdaging maakten, vooral toen de anderen besloten een tijdelijk drijvend werkplatform te gebruiken als stop.

filmpje (9 s)

Uiteindelijk kwamen we terecht bij EuroParcs in Uitdam waar Iede de directie wist te overtuigen om ons in de jachthaven te laten overnachten. Met een wasblok en een pizzarestaurant waren we blij en opgelucht, vooral toen we hoorden dat onze oorspronkelijke camping vanwege een overstroming toch niet meer beschikbaar was!

Dag 6: Zaterdag – Uitdam – Broek in Waterland – 22 km

Eindelijk een makkelijkere dag! Nog niet zo ver, vooral hemelsbreed, maar we moesten de golfbreker ten noorden van Marken ronden, met 6 Bft wind en golven tot 1 meter!

Het kostte ons slechts 45 minuten om de vuurtoren Het Paard van Marken te omzeilen, maar het was de hele tijd concentratie. Ik had geen hand vrij om foto’s te maken. De wind en de golven waren vlak achter ons, maar met de beladen boten was surfen een risico, omdat elke golf je probeerde te draaien zodat de volgende golf je vanaf de zijkant kon overspoelen. Ik zweer dat ze in paren werkten! Na het ronden van Het Paard was het een ploeteren langs de strekdam en vervolgens met tegenwind Monnickendam in, naar strandcafé Strandvier (waar we de vorige reis op zondag hadden geluncht), voor koffie enz. Van hieruit was het eenvoudig terug peddelen naar de auto, inladen en terugrijden naar de club.

Het was een geweldige ervaring, zoals Erik het zelf noemt: een week lang “buitenspelen”! Ook een goede training voor de komende evenementen van de zomer.

—————————————————————–

Lap of Flevoland / Markermeer – 10-15 June 2024 – 192 km

Text & photos: Mike

Day 1: Monday – Broek in Waterland – Zaandam v.v. – 31 km

After the spectacle on the Markermeer on Sunday Erik and I were dropped at a camping in Broek in Waterland. On Monday we had some time to kill until Iede joined us, so we zipped the tents up and paddled to the west, intending to do a lap of Het Twiske. We left the lake De Leek and soon realised why this is called Waterland! Water everywhere, thousands of channels, also water falling from the sky!

Unfortunately we were not able to enter Het Twiske with the kayaks, so meandered off to Oostzaan for a café. But it was Monday, all closed. We eventually found a café in Zaandam, after ditching the kayaks at a lock and walking the last kilometre. On the way back we went through a cute, self-service lock Het Luijendijkje; then with some difficulty found our way home through all the channels. We were joined by Iede and managed to beat the rain somewhat by cooking dinner in a dome at the camp site.

Day 2: Tuesday – Broek in Waterland – Lelystad – 38 km

Now the trek begins in earnest; we packed all into the kayaks and made our way through the channels to Monnickendam. It is clear that not all locks are aimed at kayaks, as Iede had to stand in his to reach the bell for one here. With a westerly wind of 5 Bft we clung to the coast to paddle to Volendam, where we enjoyed the first of many koffie verkeerd and cake with whipped cream.

We then prepared ourselves, mentally and physically for the crossing of the Markermeer.
At the start we were greeted by about 100 cormorants, fishing in a flock, circling about and diving into the water.

Soon we had to give all our attention to staying upright and on course, as the wind picked up to 6 Bft at times and the 50-80 cm waves were coming at an angle from behind. Surfing was not much of an option with a fully laden kayak and waves obliquely from behind. After 3 hours and 22 km of Markermeer we made land and attempted to reach the camp site. The first hurdle was the Noordersluis in Lelystad, where we dropped an impressive 6 m.

The next lock was impassible, and after quite some portage with 50 kg kayaks we arrived at the very good camp site, ‘t Oppertje.

Day 3: Wednesday – Lelystad – Zeewolde – 32 km

We decided to not continue into Friesland due to adverse winds when we’d need to return across the IJsselmeer; instead we’d cut across Flevoland and return via the Randmeren. After a few hours I asked Erik how far to the next landmark and when he moved his compass to see the map more clearly, his expletive told me we were in the wrong track!

So instead of getting to the yacht harbour in Zeewolde we came via the back door, and couldn’t get a regular camp site, so bunked out in the woods and reeds. Apart from the lack of a warm shower and the abundance of slugs everywhere, we had a good evening and night.

Flevoland is proud of their bird life and we certainly saw and heard a lot of it. Unexpectedly for me we heard cuckoos very often, I saw a black heron and various birds of prey, also a colony of spoonbills and a kingfisher or two.

Day 4: Thursday – Zeewolde – Huizen – 34 km

Next morning we were going to battle to reach Naarden, as we first had to circle Zeewolde, before paddling further on the Veluwemeer. We stopped in the centre of Zeewolde for koffie and apple pie again, before grocery shopping. Thus fortified we set off, hoping to reach Huizen where we may be able to stay at the yacht harbour. At the Nijkerkersluis we had a long chat with a couple on a yacht, as the lock operated very slowly, without reason. We stopped for lunch at Zuidwal harbour right after the lock, then headed off towards Spakenburg. By this time we were well tuned at getting the fully laden kayaks in and out of the water, often the quays and jetties were 50-80 cm high. Passing Spakenburg we were treated to a regatta of old fishing cutters.

After having hoped to reach Huizen we decided we’d had enough and stopped at the island Huizerhoef, just after the A27 crosses between the Eemmeer and the Gooimeer. The camp site was primitive, badly maintained and covered in weeds and bird droppings. Apart from that it was fine, we had a short dip (no ablutions on the island), dinner then bed.

Day 5: Friday – Huizen – Uitdam – 35 km

The plan was to get to the original camp site – and the car – ultimately by Sunday. With the strong wind running and expected, we planned to hug the leeward coast till a camp site on the Kinselmeer. We got to the island fort of Pampus, the wind at 5 Bft varying from SW to SE making for challenging seas at times. After another coffee and cake with whipped cream we headed towards the west, but couldn’t get through the dike reinforcement there. We had to head ever onwards, to the NE with waves and wind making it challenging, especially when the others decided to use a temporary floating work platform for a stop.

Short film (9s)

We finally ended up at the EuroParcs in Uitdam where Iede managed to convince the management to let us stay in the yacht harbour. With an ablution block and a diner for pizza we were happy and relieved, especially when we heard that our original camp site was no available anyway, due to being flooded!

Day 6: Saturday – Uitdam – Broek in Waterland – 22 km

At last, an easier day! Not so far, especially as the crow flies, but we had to round the breakwater north of Marken, with 6 Bft wind and waves up to 1 m!

It only took us 45 minutes to round the lighthouse Het Paard van Marken, but it was concentration all the way. I had no hand free to take photos. The wind and waves were right behind us, but with the laden boats surfing was a risk, as each wave tried to turn you so the next wave could swamp you from the side. I swear they worked in pairs! After rounding Het Paard it was a slog up the breakwater then a strong pull with headwind into Monnickendam, to beach café Strandvier (where we had had lunch on Sunday during the previous trip), for coffee etc. From here it was a simple paddle back to the car, to load up and drive back to the club.

It was a great experience, as Erik calls it: a week “playing outside”! Also a good training for the upcoming events of the summer.

Spektakel op het Markermeer (7-9 juni 2024)

Elk jaar varen we een keer naar de Marker Wadden, al vanaf 2018, toen de eerste eilanden van deze kunstmatige archipel te bezoeken waren. We zagen het project groeien, grassen en struiken wortelen, steeds meer vogels invliegen en nestelen. Maar soms moeten we ons verlies nemen. We kunnen er bijvoorbeeld niet meer kamperen. En als het hard waait, is een oversteek van 9 km niet voor iedereen fijn.

Daarom pasten we de tochten in het eerste weekend van juni aan. Op zaterdag trokken we langs de rand van Flevoland over het Markermeer naar Pampus en Muiden. Woest weer, lekker onstuimige golven en volgens de waarnemingen zelfs een uurtje spektakel tussen 6 en 7 Bft. Hard werken én hard surfen. De laatste 12 km door de polder. Die ligt uiteraard lager dan het water eromheen, dat is toch het principe van een polder, maar dat we in de sluis 6 meter zouden zakken, hadden we niet verwacht.

Zondag was de groep groter en kozen we voor beschutting. Relatief, dan. Want ook op de Gouwzee schuimden de koppen van de golven en moesten we spieren wakker schudden. Van Volendam naar Monnikendam (fraaie torens) voor een perfect terrasje met de leukste serveerster ooit! Met haar vrolijkheid wist ze ons allemaal aan de taart te krijgen. Een 10 voor overredingskracht.

Met de wind pal in de rug werden we naar Marken geblazen. Groot plezier, dus mogen we niet klagen over de terugweg. De zon brak door, we pauzeerden op een grasveldje met veel belangstellenden en tuften langs de kustlijn weer terug naar ons startpunt.

Inclusief een mooie kleine camping met nachtmuziek van de roerdomp en een leuke groep kajakkers was het een topweekend! Alleen die Marker Wadden…

Zodra de wind het toelaat, gaan we er alsnog naartoe. Houd de weekenden maar vrij!

Jubeltocht naar Delft (2 juni 2024)

Tekst: Friede

Na ongeveer een maand lid te zijn en met een hartstikke leuke beginnerstocht een weekje ervoor onder de knie, was het op 2 juni tijd voor mijn eerste echte tocht. Alles voor het eerst, en veel te leren voor mij!

Om te beginnen dat het slim is je boot te reserveren, of nog enthousiaster en ruimer voor de begintijd op de club te zijn, want mijn eerste drie keuzes waren allemaal al vergeven toen ik ruim voor de afgesproken tijd aankwam. Dus ik nam lekker plaats in een van de vele voor mij volledig onbekende boten. Wat trouwens prima uitpakte. Na de introductie vertrok de hoofdmacht per auto richting Kruithuis Delft om daar onder te dompelen in de pittoreske Delftse grachten, onder de blikken van de verbaasde toeristen.

De diehards (heen en terugvaren) en de semi-diehards (heen varen, terug met de auto) vertrokken vanaf het clubhuis, om eerst over te dragen en dan lekker de maximale tijdstraf uit te zitten in de Bergsluis: sluiting van de deur voor de motorboot iets voor ons net gemist, daarna een hoop tegenliggers, en na iets van een half uur … waren wij dan aan de beurt. Eenmaal op de Schie, ging de wind echt tekeer, en bleef met windkracht tussen drie en vier recht tegen ons in blazen. Nou zeg! Mooi dat we ondertussen via whatsapp een sfeerfoto van de andere groep, aan de cappuccino in een Delfts café mochten ontvangen.

Toch kwamen we niet veel later dan de koffiedrinkende hoofdmacht aan op onze lunchplek, werden we opgewacht door cake en taart, speciaal gemaakt door Juliette en Elise die hem zelfs nog droog kwamen brengen. Hulde! Lekker en mooi bont. We zaten op een mooi gazonnetje aan het water naast roeivereniging “De Delftsche Sport”. Ze waren zo gastvrij om ons zowel steiger als toiletten te laten gebruiken, en deze en gene kreeg nog een rondleiding in hun clubhuis, een erg mooi en architecturaal verbouwd historisch monument. Nou, laat onze nieuwe accommodatie hier maar op lijken!

Na de lunch voeren we met z’n allen nog een rondje door de grachten, maar dan was voor mij en de meeste anderen de koek op en gingen de boten op de trailer. Op naar de borrel! En, wat heerlijk, eenmaal op het clubhuis ging het zonnetje ook echt schijnen. Zowel zelfgemaakte lekkernijen als zelfgemaakte cocktails kwamen op tafel – het was onweerstaanbaar en zowaar iedereen bleef dan ook. De “diehards” kwamen pas ruim een uur later aan bij de club en misten de cocktails – we hadden als mindere goden natuurlijk niet het geduld om te wachten met de borrel. Met de nieuwe mensen kwamen ook weer nieuwe lekkernijen en gesprekken, en heerlijke warme soep, en zelfs de zon bleef hangen. Zo ging de best zwaarbevochten tegenwind-heenvaart over in een uiterst gezellige lange middag!

Korte film (3 min) van de ‘lange tocht’

Spotlight: Susanne Chylik

Wat bezielt iemand met een drukke baan, die op grote afstand van de club werkt, om in de vrije uurtjes nog eens als vrijwilliger aan de slag te gaan? We vroegen het aan onze nieuwe penningmeester. Een energieke Oostenrijkse die graag verantwoordelijk omgaat met geld.

Dat ze sportief is, weet iedereen die met haar heeft gevaren. Ook op de langste toertochten of in de eindspurt van een K2 wedstrijd peddelt ze onverbiddelijk door, zonder een krimp te geven. Sportief leven is Susanne Chylik (Wenen, 1981) met de paplepel ingegoten. Al jong begon ze met sporten: skiën, snowboarden, tennissen, zwemmen, yoga. “En nog veel meer. Zolang er maar geen ballen of darts aan te pas komen.” Daarnaast maakt ze graag lange bergwandelingen. “Toen ik acht jaar geleden naar Nederland kwam, ben ik begonnen met NS-wandelingen en tochten door de natuur. Maar ik miste de bergen. Die heuvels in Limburg heb ik wel twintig keer gedaan, maar het is iets anders dan de Großglockner, het Karwendelgebergte of de Wilder Kaiser. Geweldige bergen, uitzichten en eten!

Je hebt hier wel veel water. Daarom ben ik vier jaar geleden maar gaan kajakken.”

Waarom heb je Oostenrijk verlaten?

“Ik heb altijd weg gewild uit Oostenrijk, dat was me te klein, en liefst ook uit Europa. En ik wilde altijd voor NGO’s werken. Beide heb ik gedaan. Ik heb voor hulporganisaties gewerkt in Bolivia, de Filippijnen, recentelijk nog een half jaar in Servië en nu in Amsterdam.

Lid worden van een kanoclub heeft mij geholpen met integreren. Het is leuk om een plek te hebben waar je altijd enthousiaste mensen tegenkomt en je netwerk kunt vergroten. Dat actieve verenigingsleven is denk ik typisch Nederlands, dat ben ik nergens zo tegengekomen. Iedereen draagt wat bij. Daarom heb ik ook ‘ja’ gezegd toen ik gevraagd werd om penningmeester te worden. Ik wil graag iets terugdoen voor de club.”

Helpt je achtergrond je bij je functie als penningmeester?

“Ik heb International Business Administration gestudeerd, maar wilde geen baan die tot doel heeft aandeelhouders rijker te maken. In mijn werk bij Artsen zonder Grenzen draait het erom, met het beperkte geld zoveel mogelijk goede projecten te maken. Je moet verantwoordelijk omgaan met geld, want dat komt van de donateurs. Hetzelfde geldt voor mijn rol als penningmeester. Je moet met respect omgaan met de bijdragen van de leden.

Heb je een bepaald doel voor ogen?

“Structuur en overzicht aanbrengen.”

Waar ligt je voorkeur: bij toertochten of racen?

“Mijn eerste toertocht met een groep naar de Markerwadden was heel indrukwekkend. Best eng om vanaf Lelystad het open water op te gaan en alleen nog water te zien. Daarna ben ik op veel tochten mee geweest. Maar mijn eerste medaille in de K-2 bij de Rottemerenmarathon was ook een mijlpaal. Zo leer je een andere kant van de sport kennen.”

Heb je helemaal gebroken met Oostenrijk?

“Zeker niet. Ik ga minstens een week per jaar terug om in de bergen te wandelen en mijn familie en vrienden te zien. Afgelopen jaar zelfs drie weken. Met Kerst ga ik ook meestal terug. En zo meteen ga ik hier in Rotterdam naar een Österreicher Stammtisch.”

Gezellig met zijn allen in Dirndls en Lederhosen aan de stamtafel?

“Haha, nee, gewoon in een cafeetje wat eten. In verschillende Nederlandse steden heb je zulke Stammtisch avonden. Ik ben totaal niet patriottisch, maar het is ontzettend leuk om af en toe met een paar vriendinnen een avondje Oostenrijks te praten – níet Duits! Ik heb gemerkt dat veel Nederlanders positieve associaties hebben bij ons Alpenland. Dat maakt het voor mij hier ook makkelijker.”

Bommelerwaard (9-11 mei 2024)

Twee rivieren in drie etappes (totaal 67km) 
(foto’s en tekst Adri Klaver) 

Afbeelding met kaart, tekst, atlas

Automatisch gegenereerde beschrijvingAvontuur begon en eindigde op de zandmeren van Kerkdriel, alwaar we de auto’s konden achterlaten. In het kort was het een dynamische Waal afvaart met een retour over een zwoele zomerse Maas door het rivierenlandschap. 

Etappe1-Kerkdriel-Herwijnen 22,5km (kaart rood) 

Afbeelding met buitenshuis, gras, boom, hemel

Automatisch gegenereerde beschrijving

De eerste 5km op de gemoedelijke Maas om via een verbindingskanaal de Andriessluis. Eenmaal opgesloten in de sluis ervoeren we dat de Waal 1,5 meter hoger ligt dan de Maas. De Waal (bron is de Rijn) moet ongeveer 6-8 keer meer water afvoeren dan de Maas. Dat was ook direct te merken in het stroomprofiel. Harms uitgezette koers was stroomafwaarts, maar goed ook want met een stroomsnelheid van zo’n 5-7 km/uur kom je alleen in een C1 nog mogelijk voorruit stroomopwaarts. Op een strandje aan de voet van de Sint Maartenskerk van Zaltbommel geluncht. De resterende 10 km genoten van de bij elke kribbe terugkerende kolkstroompjes, en de dorpjes aan weerzijden van deze brede rivier. 
Kamperen op 5 meter van de maas met de kajaks voor de deur. 

 
Etappe 2-Herwijnen-Nederhemert-Z 24,5km (kaart blauw) 

Eerst 9 km op de Waal tot slot Loevestein. Aldaar het kasteel van dichtbij bekeken. Voor bezichtiging ontbrak de tijd, en de kans dat koeien met hun hoefjes de boot zouden  kunnen kraken. Koeien waren sowieso regelmatig te zien op de vele strandjes alwaar ze lekker in het zand lagen of beetje door het water banjerden. Met de blauwe luchten en de witte rietgedekte boerderijen leek het tafereel op de bekende schilderijen van paar honderd jaar geleden. Na de Wilhelminasluis (met een lange schuttijd omdat de sluis in de andere vaarrichting stampvol gemanoeuvreerd moest worden) de afgedamde Maas verder afzakken en onder zomerse omstandigheden naar de Kasteelcamping bij Nederhemert. De Kasteelcamping was voor “alternativo ‘s”, met de Waard tenten en oldtimer campers. S ’avonds spelende kinderen en verhitte discussies.  De opkomende muggen deden die verstommen, de kampeerders trokken zich in hun tenten terug. 

Etappe 3-Nederhemert-Z – Kerkdriel 22,5km (kaart bruin) 

Afbeelding met buitenshuis, water, hemel, boom

Automatisch gegenereerde beschrijvingAfbeelding met buitenshuis, boom, water, watervoertuig

Automatisch gegenereerde beschrijving

Vandaag klaren we de klus, de uitgezette koers is simpel, 3 km afgedamde Maas en daarna voeren we stroomopwaarts op de Maas. We passeerden Heusden, Ammerzoden en ‘s-Hertogenbosch. Wederom heerlijk weer. Overal strandjes waar je makkelijk kon landen om de benen te strekken. Dat deden we regelmatig. Veel vogels te zien en horen langs de waterkant. Ik telde waterpiepers, tjiftjaf, fitis, winterkoning en ook een fraaie grasmus. Natuurlijk ook de gangbare watervogels. We voeren onder grote noord-zuid verkeers- en spoorbruggen door.  

De redelijke drukke pleziervaart gaf ons letterlijk meermaals verzetjes. Op de golven van achterop kon je lekker meesurfen. Alhoewel het gevoel vertelde dat we lekker vorderden kwamen we door de tegenstroom (2km/uur) en een matig tegenwindje toch pas 17:15 in Kerkdriel. Na een drankje op het terras van de uiterst vriendelijke havenclub van Jan van Gent, namen we afscheid en gingen huiswaarts. 

Harm en Ilja willen we langs deze weg bedanken voor deze Bommelerwaard ervaring. 

Nederlands Kampioenschap K2 (5 mei)

Het lijkt steeds ingewikkelder om het deelnemersveld goed gevuld te krijgen. Er startte een beperkt aantal K2’s op 5 mei voor de marathon – tevens Nederlands Kampioenschap – over een afstand van 20 kilometer. Voordeel is dan wel weer dat je sneller kans maakt op een medaille. Dus… drie KCR dames met een medaille (2x zilver en 1 brons).

Van de Gorishoek naar de Rattekaai (4 mei 2024)

Tochtverslag van tocht met deelnemers van Kano Club Rotterdam (2x) en Goudse Peddel (7x)

“Je kúnt het” versus “grenzen verleggen doe je in stapjes”!
Dit verhaal over de tocht “Oosterschelde Rattekaai” schrijf ik als beginnend grootwater vaarder. Sterker nog.. het is m’n 1e tocht op groot water.
Ja als je wilt leren is er altijd de 1e x en dat vind ik gaaf en spannend tegelijk, zo ook deze x.
Tochtleider Jan heeft er vertrouwen in en dat geeft mij extra vertrouwen, dat ik het idd kan.
Wel met de kanttekening dat het rustig weer is (bft. 2/3) en in de aanloop gaat het daar steeds meer naar uitzien. Ook op de dag zelf, dus geen vuiltje aan de lucht.

De groep, tocht en afvaart
We zijn met 9, 7 mannen, 2 vrouwen. De groep is divers wat betreft ervaring. Van (zéér) ervaren tot beginner. “Daar is het tempo wat op aangepast” zegt Jan voor vertrek. Het vraagt sowieso nogal wat voorbereiding om veilig op pad te kunnen gaan, niet alleen de weersverwachting wordt in de gaten gehouden maar ook het getij, de stroming, er is nl ongeveer 3 meter getijdeverschil. Dat vraagt rekenwerk, nauwkeurig.
Varende weg hoor ik verhalen dat er ook wel ns mis gerekend is en dan is bijv. het haventje bij de Rattekaai, varend niet bereikbaar, en wordt het slepen dus. Vandaag niet! Dat loopt voorbeeldig. Het haventje, waar onze lunchpauze is, is nl alleen met hoog water bereikbaar. geplande aankomsttijd daar is dan ook rond 12.45 bij hw.

Maar eerst: Stipt om 10.30 “start” en het deint kalmpjes.. “Dat gaat soepeltjes” denk ik en als Maaike vraagt hoe het gaat roep ik “het gaat lekker hoor, hier is mijn boot voor gemaakt” en ja de deining is totaal anders als op de Reeuwijkse Plassen. Geen korte golfjes van alle kanten maar lange die rustig onder m’n boot doorgaan. Geleerd om mee te deinen, dat gaat als vanzelf..
De tijdsplanning en de berekeningen van tochtleider Jan zijn zo goed als perfect!! Top is dat. Ik hoef tenslotte alleen maar te varen, te genieten van de tocht, de omgeving en de groep.
Dat is niet moeilijk, neee totaal niet moeilijk.
De lunch bij Rattekaai is gezellig. 13.45 vertrek voor de terugtocht. We nemen halverwege nog een thee pauze bij het haventje van Strijenham en zijn rond 17.00 uur terug bij de Brasserie. Zo goed als stipt.
Toch is, ondanks de goede planning er toch iets wat niet voorspelbaar is, zelfs veranderlijk offf verraderlijk(?) Ja, je raadt het al toch “het weer”!

Het weer (“lezen, golven, buien, onweer”!)
De start is dus rustig, de zon schijnt en er waait een briesje, bft 2 max. Ontspannen varen dus (wel erg prettig om te wennen) richting de vaargeul met de boeien die we volgen. Na een uurtje varen een pauze bij de boei met een reep.

Zonnige groetjes uit Zeeland (Rattekaai)! Schrijft Maaike bij de foto die zij in verschillende GP apps deelt.

                                  Pauzeplek bij de Rattekaai

Na weer ongeveer 1 uur varen komen we bij de ingang van de Rattekaai (schorren en slikken) en varen we het mooie gebied in. Vogels, rust, ja vooral veel rust komt ons tegemoet. Het is er prachtig en bij het haventje stappen we uit, lunchen we, zelfs met appeltaart. Heerlijk zonnig, ontspannen, maarrrrrrr…
Daar zal verandering in komen, we hebben het er al over.
Wanneer we de slikken weer uit varen zien we dít, als we ons omdraaien…

Prachtige dreigende lucht!

Toch wordt het eerst iets makkelijker want de wind valt stil hmm… Stilte voor de storm??
Nou ja enigszins wel.
Ondertussen wordt me verteld, “saai is het nooit als je een tocht met Jan vaart”, (hihii nou dat heb ik inmiddels ervaren).
Want kort erna steekt de wind op en worden de golven groter. Horen we “gerommel?” Ja dat horen we goed. De (onweers)bui dreigt achter ons en Jan en Nicolaas besluiten dat we de terugweg langs de oever varen voor het geval we eruit moeten.
(bft 5/6, hoor ik later van Jan, pfff)

Ondertussen ben ik (kei)hard aan het werk want met de wind van links achter wil mijn boot niet direct rechtuit. Dus even wat geheugensteuntjes…en deze toepassen hahaa, “scheg stukje uit, rustig blijven peddelen en af en toe corrigeren, herhalen”! en…ontspannen blijven.
Bocht in de Oosterschelde naar links waardoor we zijwind krijgen en dat vaart toch echt wel makkelijker, dan rollen de golven weer onder de boot door, of er half overheen maar in ieder geval oké! Ergens roept iemand naar me “hier is je boot echt voor gemaakt he?!” “Ja ja geef me wel even de tijd om te wennen zeg” (grijnss ik).. kleine stapjes om te leren… vandaag niet. “Zevenmijls stappen” vind ik het eerder maar oh zo gaaf en alles gaat top!
Anderen zijn heel blij met de weersomslag; “anders was het dodelijk saai”! 😊

Regen, wind en mooie golven..

Na de pauze bij het haventje in Strijenham, waarbij het weer lekker droog is en het zonnetje schijnt, varen we het laatste stuk terug naar de startplek. Weer lekker in de stromende regen..

In de nevel van de regen ons eindpunt!

Lessen van de dag:
Zeevaren is gaaf!! / Buien zijn best goed te volgen op het water / Je moet het zelf doen én je doet het samen / Ondanks rustige voorspelling kan het weer altijd omslaan / Mijn boot doet het goed op groot water en ik ook best aardig voor een beginner/ Avontuur dat naar meer smaakt.
Goede leermeesters bij de Peddel op allerlei disciplines 😊

Dank jullie wel voor de prachtige dag; Jan!, Nicolaas, Kees, Kees, Maaike, Albert, Erik en Erik.
(ook voor de mooie foto’s).

Anja

Biesbosch – Merwede – Dordrecht

21 April  – 8:45-18:00 – 6 Kano Club Rotterdam, 2 Dayaks en 3 Maaslandse Kano Vereniging
“Hoe dichter bij Dordt, hoe rotter het wordt”
Tekst: Adri Klaver
Video: Mike
Foto’s: Adri

Op die uitspraak boven kom ik straks nog even terug, maar eerst moet je weten dat Dordt ons in de schoot werd geworpen door een spontane uitnodiging van de Dajaks kanoclub in sito.

Wat is er gebeurd? Aangekomen bij het veer “Kop van het Land-Biesbosch Spieringpolder” werd onze doorgang naar het startpunt voor de Brabantse Biesbosch versperd. De pont was in aanvaring gekomen met een rijnaak, en tot 1 mei in reparatie. De netwerkers in ons gezelschap kenden de Dajaks met hun clubgebouw 100m verderop, en aldaar nodigde vaarleider Walter ons spontaan uit voor een begeleide rondvaart in Dordtrecht. Na omkleden in hun clubhuis gingen we via de glijramp het water in.

Via de Ottersluis door de Kikvorschkil midden in de Hollandse Biesbosch via de Helkakanaalsluis naar de Beneden Merwede. Onderweg zagen we een paartje zeearenden in de lucht cirkelen met hun nest in de Hollandse Biesbosch. Korte stop aan een strandje.

Bij de Wijnhaven voeren we Dordt binnen met als eerste stop, nabij de Nieuwe Brug, het huis “De Onbeschaamde”. Deze naam is afgeleid van een destijds beschamende Dordts “manneke pis” op het fronton van de gevel. Zijn edel deel werd tijdens een intocht van koningin Emma met een oranje sjerp bedekt.

Peddelend door de ongeveer 100 meter lange onderkluizing van het Scheffersplein gevolgd door een venetiaanse gracht naar het stadhuis.

Onze lunchplek was onder de Grote Kerk van Dordrecht.


Terug op de rivier werden we gewezen op de imposante achter-erkers van grachtenpanden met voordeuren aan de Wolweverskade. De gelukkige bezitters genieten van het dynamische panorama van het waterverkeer op de oude Maas.

Via het “Wantij” keerden we terug naar de Dajaks, waar we werden uitgenodigd in hun kantine.

“Hoe dichter bij Dordt, hoe rotter het wordt”. Alhoewel de huidige burgervader liever het ‘mooier’ gebruikt, is het toch echt ‘rotter’, is het gezegde afkomstig uit de scheepvaart. Vanaf het begin van de 14e eeuw had Dordtrecht stapelrecht, hetgeen betekend dat alle schepen die langs Dordt voeren aldaar hun lading moesten opslaan en verhandelen. Dit gebeurde vaak onder dwang. Voor de komst van de Nieuwe Waterweg 1872 was scheepverkeer met Rotterdam alleen mogelijk via Dordtrecht en dat werd niet gewaardeerd, hetgeen voor Hollanders de klankassociatie met “rotter” verklaard.